Alle Auktionen
×

Welcome back! Whilst you were away we added the functionality to view auctions and bid in pounds.

We are hiring!

Duitsland heeft me nooit met rust gelaten

1995

Privé-domein: Informationen auf Catawiki zu dem Artikel Duitsland heeft me nooit met rust gelaten, 1995.
Das Herzstück von Catawiki ist ein Online-Katalog mit Abbildungen und Daten zu allem, was Sammler sammeln. Dieser Katalog wird wie Wikipedia von den Nutzern selbst redigiert.

Sammler
In der Suchliste von:
Noch nicht in einer Suchliste
In den Sammlungen von:
Gut erhalten:
Liste schließen
Direkt zum Katalogwert » Katalogdaten
Catawiki-Nummer: 219395
Kategorie: Bucher
Titel: Duitsland heeft me nooit met rust gelaten
Untertitel: Amerikaans dagboek 1940-1948
Ursprünglicher Titel:  
Bücherreihe: Privé-domein
Nummer in der Bücherreihe: 203
Zusatznummer: a
Serie / Held:  
Autor: Mann, Thomas
Illustrator:  
Verlag: De Arbeiderspers
Jahr: 1995
Typ: Tagebuch
Druck: Erstausgabe
Art von Buch: Taschenbuch im Umschlagklappen
Seitenanzahl: 367
Auflage:  
Abmessungen: ? x ? cm
ISNB10: 90-295-3029-4
ISBN13:  
Sprache / Dialekt: Niederländisch
Ausgabeland :  
Sonderangaben:
Dieser Text wurde automatisch übersetzt aus Niederländisch. Möchten Sie die automatische Übersetzungsfunktion nutzen?
Thomas Mann (Lübeck, 6 juni 1875 - Zürich, 12 augustus 1955) was een Duits schrijver. Hij kreeg in 1929 de Nobelprijs voor de Literatuur.

Thomas Mann was een jongere broer van schrijver Heinrich Mann (1871-1950) en de zoon van de koopman Thomas Johann Heinrich Mann. Zijn moeder Julia (geboren da Silva-Bruhns) was half Braziliaans. Uit dit huwelijk kwamen nog drie kinderen voort: Julia (1877), Carla (1881) en Viktor (1890). Thomas beschreef zijn kindertijd later als gelukkig en zorgeloos.

In 1891 stierf zijn vader aan de gevolgen van blaaskanker. In zijn laatste wil had hij geuit, dat zijn eigen opgerichte bedrijf en het familiehuis verkocht moesten worden. Daarna leefde de familie Mann van de rente van de verkoop.

In zijn schooltijd toonde Thomas Mann geen grote interesse in de lessen, hoewel hij duidelijk wel heel begaafd was. Hij schreef liever voor het tijdschrift Der Frühlingssturm, waarvan hij in 1893 mede-uitgever werd. Thomas Mann was zich blijkbaar erg bewust van zijn roeping als literator, zoals blijkt uit een bewaard gebleven brief uit 1889, waarin de 14-jarige afsluit met "Thomas Mann, lyrisch-dramatisch dichter". In 1894 verliet hij het gymnasium en verhuisde hij naar München, waar zijn moeder en de andere kinderen al sinds een jaar woonden.

De voogd die na de dood van Thomas Manns vader was aangesteld, bepaalde dat Thomas na het gymnasium een burgerlijk beroep zou kiezen. Hij accepteerde dit en besloot om voor een verzekeringsmaatschappij te gaan werken. Deze bezigheid beschouwde Mann als saai en pretentieloos en er bestaat een tot op de dag van vandaag onweersproken anekdote, dat hij tijdens zijn werk stiekem ook als literator bezig was. In 1894 debuteerde Thomas Mann met de novelle Gefallen, die in het tijdschrift Wohlgefallen werd gepubliceerd.

In 1895 stopte Mann met werken bij de verzekeringsmaatschappij en begon aan een studie aan de Technische Hochschule in München. Hij was oorspronkelijk van plan om voor het beroep van journalist te leren. Maar de ongeïnteresseerdheid die hij reeds in zijn werk op school had getoond, zette hij voort in zijn studie. Toen Thomas Mann op zijn 21ste meerderjarig werd en hem dus geld van zijn vaders erfenis ter beschikking kwam (ongeveer 160 tot 180 goldmark per jaar), besloot hij dat hij genoeg had van alle scholen en instituties en vestigde hij zich als onafhankelijk schrijver.

Eerste publicaties:
Vrijwel meteen nadat de gedachte bij Mann was opgekomen om samen met zijn broer Heinrich naar Italië te gaan, voegden ze de daad bij het woord. Ze wilden naar Rome en huurden in 1897 een huisje in Palestrina, dat ten oosten van de Italiaanse hoofdstad ligt. Mann schreef in die tijd enkele novellen, waaronder Der kleine Herr Friedemann. Ook begon hij aan zijn roman Buddenbrooks - Verfall einer Familie.

Mann werkte in deze tijd ook kort bij Das Zwanzigste Jahrhundert – Blätter für deutsche Art und Wohlfahrt, een Duits blad met een antisemitische inslag. Hij was daar later niet trots op en beantwoordde vragen over deze periode ongaarne. Ook zijn broer Heinrich was er korte tijd medewerker van. In 1898 verruilde Mann het blad voor het tijdschrift Simplicissimus, waarvan hij een jaar lang redacteur zou blijven. In 1901 verscheen zijn eerste grote roman, Buddenbrooks, waarvoor hij in 1929 de Nobelprijs voor de Literatuur zou ontvangen. Als een hoogtepunt in zijn oeuvre wordt echter de roman De Toverberg (1924) beschouwd, waarvoor hij zich onder meer liet inspireren door het verblijf van zijn echtgenote Katia Pringsheim in een Zwitsers sanatorium.

Gedeeltelijke bibliografie:
1901: De Buddenbrooks
1903: Tonio Kröger en andere verhalen
1903: Tristan
1909: Koninklijke hoogheid
1912: Der Tod in Venedig (Dood in Venetië)
1918: Betrachtungen eines Unpolitischen
1919: Baas en hond
1924: De Toverberg
1933-1943: Joseph und seine Brüder
1939: Lotte in Weimar
1940: De verwisselde hoofden: een Indische legende
1944: De wet
1947: Doctor Faustus. Het leven van de Duitse toondichter Adrian Leverkühn verteld door een vriend.
1951: De uitverkorene
1953: De bedrogene
1954: Ontboezemingen van de oplichter Felix Krull

Kinderen:
Erika Mann (1905-1969), actrice, schrijver
Klaus Mann (1906-1949), schrijver
Golo Mann (1909-1994]), schrijver, geschiedkundige
Monika Mann (1910-1992), schrijver
Elisabeth Mann Borgese (1918-2002), schrijver, jurist
Michael Mann (1919-1977), musicus, literatuurwetenschapper
Eingabedatum: 18-01-2009 15:14:23
Eingetragen von : Boekenglas
Zuletzt geändert am: 20-03-2016 12:56:02
Zuletzt geändert von: Boekenmagazijn
Catawiki Katalogwert
Neuwertig: € 55,00
Gut erhalten: € 28,00
Ziemlich gut erhalten: € 14,00
Hinzufügen
  


Informationen hinzufügen